Uitgerekend vandaag, op een moment dat de onheilsberichten over het uitdijen van de nucleaire ramp in de kerncentrales van Fukushima elkaar uur na uur opvolgen, was de Duitse socioloog Ulrich Beck te gast in Brussel voor een boeiende lezing. In het debat van de Europese Spinelli Group tussen Ulrich Beck en Amin Maalouf ging over de Europese identiteit, maar minstens evenzeer over de zoveelste confronterende illustratie van Beck’s analyse van onze samenleving als mondiale risicomaatschappij.

Eigen aan de risicomaatschappij is dat we steeds meer risico's produceren die we eigenlijk niet langer kunnen controleren. Kerncentrales zijn er het typevoorbeeld van. Deze nucleaire ramp is (voorlopig nog) niet zo erg als de kernramp in het Russische Tchernobyl in 1986. Daar vielen tientallen doden en kregen sindsdien duizenden mensen vormen van kanker of leukemie. Tchernobyl was de grootste nucleaire catastrofe tot nu toe, een ramp waarvan ook vandaag nog niet eens alle slachtoffers geboren zijn. De volgende uren en dagen zullen cruciaal zijn om te kijken of men de escalatie in Japan kan stoppen.

Toch blijft de discussie voor vele mensen abstract: we zien noch ruiken radio-activiteit. Specialisten en media informeren ons over het onzichtbare gevaar, al dan niet met vertraging. De impact op de gezondheid – behalve bij zeer hoge dosissen - blijkt pas later. Ulrich Beck schreef ooit provocerend: stel dat radio-activiteit zou jeuken... Het zou een ander debat geven.

Ondertussen zijn we 25 jaar na de ramp in Tchernobyl, en bestaat de theorie van de risicomaatschappij net even lang. Zullen we deze keer wel lessen trekken?

Het volledige debat kan u hier zien.